Vijf grotesken Bekijk groter

Vijf grotesken

Belgica 2

9789078068570

Verkrijgbaar

In deze verbluffende teksten vol absurde uitvergrotingen trekt Van Ostaijen van leer tegen de wantoestanden van zijn tijd. Deel 2 in de nieuwe reeks Belgica: korte verhalen en essays uit de Vlaamse en Franstalige Belgische literatuur.

Meer details

9,50 € incl. btw

Datasheet

UitgeverijVoetnoot
Jaar van uitgave2010
Bindwijzepaperback
Aantal pagina's120p.
Extra10,5 x 16,5 cm

Meer informatie

'Novellen waarin ik de mensen probeer voor de aap te houden', zo betitelde Paul van Ostaijen zijn grotesken wel eens. In deze verbluffende teksten vol absurde uitvergrotingen trok hij van leer tegen de wantoestanden van zijn tijd. Elke logica kwam er genadeloos op losse schroeven te staan. De stad en de erotiek zijn de stuwende krachten in deze nieuwe selectie van vijf grotesken. Zoals in het beruchte verhaal Het bordeel van Ika Loch, waarin een hoerenwaardin met krachtige hand haar klanten dirigeert. Of in Werk en spaar!, waarin Everardus Breeske bezeten raakt van demi-mondaine Angèle Hoedemakers. 'Beter één nacht met deze schoonheid dan dozijnen nachten van half-en-half erotiek', luidt de hoop. Helaas. In Van Ostaijens grotesken is de liefde altijd wrang en meestal wreed.

Van een helder en informatief nawoord voorzien door Dirk Leyman.

Auteurs

Van dezelfde auteur:

Paul van Ostaijen

Paul van Ostaijen (1896-1928) beproefde in zijn korte leven een immense variëteit aan literaire genres, die hij doordesemde met de impuls van het nieuwe. Hij was de grote vernieuwer en experimentator in het Nederlandse taalgebied, die niet alleen de eigentijdse stromingen van de moderne poëzie, zoals het Franse kubisme en het Duitse expressionisme hier vertegenwoordigde, maar ook door zijn werk aan de ontwikkeling van deze stromingen heeft bijgedragen.
De lyrisch dichter en onverschrokken vormexperimentator bedreef ook theaterkritiek, boog zich over kunst en politiek en was een trefzeker essayist.
Van Ostaijen introduceerde het expressionisme in de Vlaamse letteren en evolueerde in zijn ontregelende grotesken naar een nihilistisch dadaïsme. Hij debuteerde in 1916 met de dichtbundel Music-Hall, in 1918 verscheen Het Sienjaal. Tot zijn invloedrijkste werk behoort de typografische en uiterst klankrijke poëzie uit Bezette Stad (1921) en De Feesten van Angst en Pijn (1921, postuum verschenen in 1928).